Rechtspraak Redactionele analyse
Jarenlang getekend, toch geen geldige afstand: een pensioenclaim begint bij het stelsel
- Instantie
- Rechtbank Gelderland
- Uitspraakdatum
- 2 september 2026
- Vindplaats
- ECLI:NL:RBGEL:2026:7446 ↗
Een werknemer had jarenlang verklaringen ondertekend waarmee hij afzag van pensioenopbouw. Ook zijn echtgenote had getekend. Na het einde van zijn dienstverband ontving hij een AOW-uitkering, maar geen aanvullend pensioen uit dat dienstverband. De Gelderse kantonrechter oordeelde op 2 september 2026 dat de afstandsverklaringen nietig waren. De vrijstelling van het bedrijfstakpensioenfonds bleek geen vrijbrief om werknemers buiten iedere pensioenregeling te houden.
Jim Kaldenberg van Delissen Martens stond de werknemer bij. De kracht van de door hem verdedigde positie lag in een verschuiving van perspectief: niet alleen vragen of iemand bewust heeft getekend, maar eerst onderzoeken of het wettelijke stelsel de aangeboden keuze überhaupt toelaat. Dat leidde tot belangrijke gunstige oordelen over de verklaringen en de aansprakelijkheid van Fruitmasters. Het was echter nog geen eindoverwinning over de hoogte van de vergoeding. De schadebegroting bleef open en een deel van de gevraagde schadeperiode viel af.
Het belangrijkste document lag niet bij de handtekeningen
De zaak draaide om de verhouding tussen een verplichtstelling, een vrijstelling en de eigen pensioenvoorziening van de werkgever. Fruitmasters viel onder een verplicht gestelde bedrijfstakpensioenregeling. Het bedrijf had vrijstelling gekregen omdat het zelf een pensioenvoorziening had getroffen. Volgens de werknemer kon die vrijstelling niet betekenen dat hij vervolgens individueel van deelname werd uitgesloten.
De rechter volgde die kern van de redenering. De vrijstelling was juist verleend onder de voorwaarde van een eigen pensioenregeling. Een uitleg die daarnaast individuele afstand mogelijk maakte, zou de verplichtstelling en de beperkte vrijstellingsmogelijkheden ondermijnen. Onze analyse is dat dit de waarde van gespecialiseerd onderzoek laat zien: een verklaring kan duidelijk en herhaald zijn, terwijl de juridische ruimte om haar te gebruiken toch ontbreekt. Bron: §3.2 en §4.8–4.12.
Bewust kiezen was het serieuze tegenargument
De werkgever voerde aan dat de werknemer en zijn partner herhaaldelijk geïnformeerd hadden gekozen. Vanaf een bepaald moment bevatten de verklaringen berekeningen van het mogelijk bereikbare pensioen en de kosten van deelname. Ook had een pensioenadviseur gesprekken gevoerd. Het dossier ging dus niet uitsluitend over een onbekend formulier dat eenmalig ongemerkt was getekend.
Dat maakt het tegenargument inhoudelijk serieus. Maar geïnformeerde instemming beantwoordt niet iedere rechtsvraag. De kantonrechter onderzocht eerst de betekenis van de verplichte regeling en de voorwaarden van de vrijstelling. Volgens hem konden partijen niet op de gebruikte manier aan dat stelsel ontkomen. De les is niet dat een handtekening weinig waard is; de les is dat de toelaatbaarheid van de aangeboden keuze aan de betekenis van die handtekening voorafgaat. Bron: §2.14–2.16, §3.4–3.5 en §4.10–4.13.
De gekozen juridische grondslag maakte verschil
De kantonrechter achtte de verklaringen nietig op grond van artikel 3:40 lid 1 BW wegens strijd met de goede zeden. Hij beschreef de constructie als ontduiking van de verplichtstelling en de toepasselijke cao. Dat is een specifieke juridische redenering. De beslissing berust niet eenvoudig op de vaststelling dat de werknemer onvoldoende informatie had gekregen of door een wilsgebrek verkeerd had gekozen.
Voor de procesbijdrage is dat onderscheid relevant. Namens de werknemer waren verschillende juridische routes aangevoerd, waaronder nietigheid en subsidiair vernietiging. Door het gunstige oordeel over nietigheid hoefde de subsidiaire route niet meer te worden beoordeeld. Ook de discussie over de ondertekening van oudere verklaringen werd niet beslissend. De rechter koos zijn eigen onderbouwing; de uitspraak maakt geen individuele taakverdeling binnen de voorbereiding door de advocaat zichtbaar. Bron: §3.1, §4.9 en §4.12–4.13.
Nietigheid maakte de schadeclaim niet onbeperkt
Een belangrijk ongunstig onderdeel moet naast de principiële winst blijven staan. De werknemer vroeg in deze procedure vervangende schadevergoeding. De kantonrechter maakte onderscheid tussen het oordeel over de afstandsverklaringen en de vordering tot betaling van schade. Op die schadevordering paste hij verjaring toe. Daardoor werd niet het gehele arbeidsverleden in de schadeperiode meegenomen.
De rechter beperkte de aansprakelijkheid tot de schade door niet-deelname vanaf 13 september 2019 tot het einde van het dienstverband op 1 augustus 2024. De brief van de advocaat van 13 september 2024 speelde daarbij een concrete rol: daarin waren aansprakelijkheid en stuiting aan de orde gesteld. Dit is de afbakening uit deze zaak, geen rekenschema voor andere pensioenclaims. De aanvang en gevolgen van verjaring vragen steeds beoordeling van de eigen feiten en ingestelde vordering. Bron: §2.17, §4.5–4.7 en §4.18.
De ingestelde vordering bepaalde de speelruimte
Tijdens de zitting was namens de werknemer ook een redenering naar voren gebracht over het alsnog verrichten van een feitelijke handeling bij verplichte deelname. De rechter ging daaraan voorbij omdat die redenering volgens hem uitging van nakoming, terwijl in de procedure vervangende schadevergoeding werd gevorderd. Het is dus niet zo dat ieder argument van de werknemer werd gevolgd.
Dat maakt de zaak voor de praktijk juist bruikbaar. Het juridische probleem, de gekozen rechtsgrond en de gevraagde beslissing moeten op elkaar aansluiten. Een oordeel dat een afstandsverklaring nietig is, neemt niet automatisch alle vragen over het gewenste herstel weg. De betekenis van een processtuk zit mede in de precieze formulering van het verzoek dat de rechter moet beoordelen. Bron: §4.6–4.7 en de toelichtende voetnoot bij de schadevordering.
Het pensioenonderzoek vroeg om stukken van de werkgever
Kaldenberg vroeg namens de werknemer om de pensioenreglementen en andere gegevens die nodig waren om schade te berekenen. Daarbij ging het onder meer om pensioengevend salaris, franchise, werknemersbijdragen, gelijkwaardigheid van regelingen en toeslagverlening. De kantonrechter vond dat de werknemer belang had bij die stukken. De werkgever moest ze voor zover mogelijk verstrekken.
Hier krijgt de inhoudelijke overwinning een praktische vervolgstap. Zonder de juiste regeling en kerngegevens blijft een oordeel over aansprakelijkheid moeilijk te vertalen naar een verantwoord bedrag. De rechter wees erop dat de werkgever administratie moest bijhouden over nog lopende verplichtingen en besprak de gevolgen van ontbrekende stukken. Het gerichte informatieverzoek is daarmee een concreet herkenbaar onderdeel van het proceswerk, in plaats van een algemene oproep om nader onderzoek te doen. Bron: §4.20–4.21.
Een deskundige moest ook het premievoordeel meenemen
De kantonrechter wilde een deskundige benoemen voor de schadebegroting en gaf partijen gelegenheid zich over de persoon, achtergrond en vragen uit te laten. Het uitgangspunt was de situatie waarin de werknemer zou hebben verkeerd als de werkgever de verplichtingen gedurende de relevante periode wel was nagekomen. Daarbij moesten de kenmerken van de eigen pensioenregeling worden betrokken.
Ook het voordeel van de werknemer mocht niet worden vergeten: er waren geen werknemersbijdragen op zijn loon ingehouden, waardoor hij een hoger nettoloon had ontvangen. De aansprakelijkheidsvraag en de uiteindelijke begroting zijn dus geen identieke som. De rechter hield verdere beslissingen aan en gaf partijen tevens in overweging een regeling te treffen, mede vanwege complexiteit, tijd en kosten. Een definitieve herstelbetaling kan uit dit tussenvonnis niet worden afgeleid. Bron: §4.18–4.28.
De claim tegen de adviseur liep anders af
De werknemer had ook pensioenadviseur Ask4Advice aangesproken. Dat onderdeel werd in de inhoudelijke beoordeling niet gevolgd. De adviseur was pas later bij de werkgever betrokken geraakt en had juist gewaarschuwd tegen het gebruik van afstandsverklaringen. Ook had hij de werknemer geïnformeerd over mogelijke deelname. Volgens de rechter was onvoldoende aannemelijk dat de adviseur zijn zorgvuldigheidsplicht had geschonden.
De formele beslissing over dit onderdeel werd om proceseconomische redenen aangehouden tot de einduitspraak. Dat moet worden onderscheiden van de duidelijke inhoudelijke afwijzing. Het zou onjuist zijn deze zaak te presenteren als winst tegen alle betrokken partijen. Het gunstige resultaat voor de werknemer betreft de dragende oordelen tegen Fruitmasters; de grenzen en het verloren onderdeel horen daarbij. Bron: §4.30–4.33 en de beslissing.
De betekenis van het optreden zit in het juiste vertrekpunt
De bijzondere bijdrage van de verdedigde positie was niet een nieuwe berekening van het hele arbeidsverleden. Het was het terugbrengen van een reeks individuele verklaringen tot de vraag welk pensioenstelsel daarvoor ruimte bood. Daar kwam een gericht verzoek om de noodzakelijke administratieve gegevens bij. De rechtbank kwam tot gunstige oordelen over nietigheid en aansprakelijkheid, met een vervolgtraject voor de schade.
Dat verdient aandacht als voorbeeld van inhoudelijk pensioenprocesrecht. Tegelijk blijft de rechter verantwoordelijk voor zijn zelfstandige beoordeling en is dit artikel redactionele analyse. De advocaat wordt daarmee geen auteur of reviewer van onze tekst. De afloop van de verdere procedure, een eventuele schikking en de uiteindelijke schadevergoeding zijn met de hier gebruikte bronnen niet vastgesteld.
Fictief voorbeeld: begin niet bij het gemiste bedrag
Een fictieve werknemer, Amir, heeft jarenlang een formulier getekend waarin staat dat hij geen gebruikmaakt van de pensioenvoorziening van zijn werkgever. Bij pensionering ontdekt hij dat de werkgever onder een verplichtstelling viel maar vanwege een eigen regeling vrijstelling had gekregen. Hij wil onmiddellijk zijn hele gemiste pensioen laten uitrekenen. Zijn advocaat vraagt eerst om het vrijstellingsbesluit, de toepasselijke regeling, de verklaringen en de correspondentie over mogelijke aansprakelijkheid.
Misschien blijkt zijn regeling wezenlijk anders, of bestaat in zijn geval wel ruimte voor de gemaakte keuze. Ook kunnen de gevraagde remedie en het verloop van de tijd andere gevolgen hebben. Het voorbeeld voorspelt geen uitkomst. Het verduidelijkt waarom de juridische grondslag en de beschikbare stukken voorafgaan aan een betrouwbare schadeberekening.
Checklist: onderzoek regeling en herstel afzonderlijk
- Verzamel het verplichtstellingsbesluit en de voorwaarden van een eventuele werkgeversvrijstelling.
- Bewaar iedere afstandsverklaring met datum, toelichting en eventuele partnerhandtekening.
- Onderscheid nietigheid van de verklaring van de concrete vordering tot herstel of schadevergoeding.
- Laat correspondentie over aansprakelijkheid en stuiting tijdig door een deskundige beoordelen.
- Vraag naar pensioenreglementen, salariskerngegevens, werknemersbijdragen en verhogingen van aanspraken.
- Houd afzonderlijk bij welke onderdelen van de procedure al zijn beslist en welke nog openstaan.
Vragen over deze uitspraak
Waren de afstandsverklaringen volgens de rechter geldig?
Nee. De kantonrechter achtte deze verklaringen nietig wegens strijd met de goede zeden, gezien de verplichtstelling en de voorwaarden waaronder de werkgever een eigen pensioenregeling mocht gebruiken.
Is daarmee een vergoeding over het hele dienstverband toegekend?
Nee. De rechter beperkte de schadeperiode en hield verdere beslissingen over de begroting aan. Er is in dit tussenvonnis geen definitieve schadevergoeding vastgesteld.
Waarom waren aanvullende pensioenstukken nodig?
Voor begroting moest worden onderzocht welke aanspraken bij correcte deelname zouden zijn ontstaan en welke eigen bijdragen daartegenover hadden gestaan. De rechter wilde daarvoor deskundigenonderzoek voorbereiden.
Werd ook de pensioenadviseur aansprakelijk geacht?
Nee. De rechter vond daarvoor inhoudelijk geen grond, onder meer omdat de adviseur tegen afstandsverklaringen had gewaarschuwd. De formele beslissing hierover werd tot de einduitspraak aangehouden.
Kan iedere werknemer met zo'n formulier hetzelfde resultaat verwachten?
Nee. De toepasselijke verplichtstelling, vrijstelling, regeling, gevraagde remedie en individuele procesfeiten moeten worden onderzocht. Dit vonnis levert geen algemene uitkomstgarantie of automatische berekening op.
Bronnen
Een redactionele bespreking van Arbeidsrecht in Nederland. Over onze redactie en werkwijze →